Ervaringsverhaal | Een nieuwe start voor Mees
Mees is bijna twaalf jaar oud. Hij leert snel, is zelfstandig en kan goed onder woorden brengen wat hij ziet en voelt. Hij woont met zijn moeder, vader en broertje in een kleine plaats in Noord-Holland en gaat naar de dorpsschool.
Al sinds groep 3 voelt hij zich niet veilig op school. Hij voelt zich niet gehoord en niet gezien. “Zowel wij als ouders als school hebben hieraan gewerkt,” vertelt zijn vader Patrick. “Maar het gevoel veranderde niet.”
In groep 7 leek het de goede kant op te gaan. Mees voelde zich fijn bij zijn leraar. Maar toen die vertrok, raakte de balans opnieuw zoek. In groep 8 was het op. Hij zat totaal niet lekker in zijn vel, verveelde zich en had geen aansluiting met klasgenootjes. Zijn lichaam begon te protesteren. “Mees zat volledig in de stress. Het ging niet meer.”
Als je kind uitvalt, is een grens bereikt
Mees maakte zelf de keuze om niet meer naar school te gaan. Ouders ondersteunden hem daarin en meldden hem ziek. “We willen kinderen die thuiszitten te snel repareren,” zegt Patrick, “Terwijl er vaak een duidelijke lijn en opbouw zit in hoe het zover gekomen is. Mees wilde wel naar school, alleen niet meer naar deze school. Maar hij werd te jong gevonden om daar zelf iets over te zeggen.”
Voor een werknemer maak je een uitgebreid re-integratieplan als deze thuis komt te zitten. Maar een kind moet eigenlijk morgen alweer terug naar school.
Het gezin kwam in een impasse met school. In de maanden die volgden werd duidelijk hoe ingewikkeld en traag het onderwijssysteem werkt. De gesprekken stapelden zich op. “Je probeert van alles te organiseren, maar omdat het over zoveel schijven gaat, kom je maar moeilijk verder.” Tegelijkertijd werd Patricks moeder ernstig ziek, Mees sprong bij. “Hij is heel zelfstandig. En hij wilde graag helpen.”
Toen het samenwerkingsverband Onderwijsversterkers inschakelde, kwam er langzaam beweging in de situatie.
Een onafhankelijke blik
In eerste instantie waren Patrick en zijn vrouw sceptisch over het traject Thuiszitters aan Boord. “We wisten niet goed wat we konden verwachten. En het duurde vrij lang voordat we konden starten. Tussen de eerste keer dat het idee geopperd werd en de kennismaking met de begeleider van Onderwijsversterkers zat drie maanden.”
En zo kwam Ellis Swagerman van Onderwijsversterkers in beeld. Zij keek als trajectbegeleider met een open, objectieve blik naar de situatie en stelde onder andere de vragen: wat is er nu nodig om Mees weer richting onderwijs te krijgen? Wat heeft Mees nodig tot de zomervakantie? En waar gaat hij na de vakantie heen? “Ellis luisterde naar Mees, naar ons en naar school. Ze gaf heldere opdrachten, pakte dingen op en voerde ze uit. Ze nam ons als ouders werk uit handen. Dat gaf vertrouwen.”
Ellis nam zonder oordeel de regie. Dat gaf rust.
Verbinding en motivatie maken het verschil
Wat ook hielp: er was meteen een klik tussen Mees en Ellis. “Dat is bij Mees uiterst belangrijk. Het past wel of niet. En als het past, dan gáát hij ervoor.” Mees krijgt tot de zomervakantie les van Ellis en gaat naar dagbesteding. Hij gaat versneld door de lesstof van groep 8; hij kan goed leren. Mees reist zelfstandig naar de begeleiding. “Hij voelt zich gezien door Ellis. En dat is het allerbelangrijkste voor een mens.”
Mees fietst ruim 24 kilometer heen en terug om bij Ellis te komen voor begeleiding. Dat doet hij uit zichzelf.
Toewerken naar een nieuwe start
De overstap naar het voortgezet onderwijs was spannend. Vanuit de basisschool werd halsoverkop een overleg gepland. Ineens lag er een deadline voor inschrijving voor een middelbare school. De basisschool stelde een trajectklas voor. Mees zag dat niet zitten. “Maar hij wilde wél in gesprek. Samen met Ellis zijn we erheen gegaan. Tegelijkertijd liepen we achter de feiten aan. Waar je normaal al in het begin van het schooljaar informatie krijgt, gingen wij ons pas in maart oriënteren. Ineens moesten we kiezen.”
Via de hulpverlening hoorde Mees over een sportacademie. Hij was direct enthousiast. Ellis heeft de ondersteuningsbehoeften in kaart gebracht en twee scholen kwamen in aanmerking. “We zijn samen gaan kijken bij zijn voorkeursschool. We hebben Mees’ situatie uitgelegd en Mees heeft een ochtend meegedraaid. Hij zag het helemaal zitten. Dat gaf ons hoop.”
Dankzij de hulp van Ellis werd het makkelijker om stappen te zetten richting een passende school.
De school toonde zich bereid om te kijken naar passende ondersteuning, zodat Mees de kans krijgt om te groeien, ook op sociaal-emotioneel vlak. “De toelatingsprocedure was nodig, maar soms ook frustrerend,” zegt Patrick. “Het systeem vraagt je om alle stappen af te vinken, terwijl je gewoon wilt dat je kind weer kan leren en leven.”
Mees zit op dit moment nog thuis. Maar na de zomer start hij op zijn nieuwe school. Of dat gaat werken, weet nog niemand. Wat er wel is: motivatie. “Hij heeft er echt zin in,” zegt zijn vader. “Dat is voor ons het allerbelangrijkste.”
Wat deze periode gebracht heeft
Op de vraag wat deze periode het gezin heeft opgeleverd, blijft het even stil. “Die vraag komt eigenlijk te vroeg,” zegt Patrick. “Er is veel gebeurd en dat heeft ons toch beschadigd. De onmacht die je voelt, is vreselijk. Maar ik ben heel trots op Mees. Hij heeft enorme sprongen in zijn ontwikkeling gemaakt en zijn wereld letterlijk en figuurlijk vergroot.”
Wat hij andere ouders wil meegeven? “Doe wat je kunt en accepteer geen ‘nee’ als je voelt dat er iets anders nodig is voor je kind.” En wat wil Patrick tegen scholen zeggen? “Laten we het systeem niet heilig verklaren. Als je een kind écht ziet voor wie het is, kan het goedkomen. Dat vraagt soms dat je buiten de lijntjes kleurt. Maar alleen zo doe je recht aan het kind.”
Zorg als leraar dat je het kind ziet en hoort en handel daarnaar. Dan kan het goedkomen.
Voorzichtig vertrouwen in de toekomst
Het gaat nu goed met Mees. “Hij kan niet wachten om te starten op zijn nieuwe school. Vanochtend in de bus legde hij spontaan contact met andere kinderen. Dat geeft mij vertrouwen.” Patrick en zijn vrouw zien voorzichtig licht aan het einde van de tunnel. De toekomst is niet zeker. Maar wat telt, is dat Mees weer stappen zet en dat er mensen zijn die hem steunen: ouders, begeleiders, zijn nieuwe school.
Als we samen écht kijken naar een kind en luisteren naar wat er nodig is, dan blijkt er vaak veel meer mogelijk dan we denken.
In verband met privacy zijn de namen van vader en zoon in dit interview gefingeerd. Foto's: Shutterstock.